Hoe kun je je eigen leven vormgeven als invloeden van buitenaf je steeds een bepaalde kant op proberen te duwen? Babeth Fonchie Fotchind dicht over de verborgen kwetsbaarheden in het leven van de grootstedelijke, ogenschijnlijk succesvolle millennial. Code-switchend tussen taalregisters laveert ze langs kantoortuin en dating-app, migratiepijn en queerness. In lijfelijke, sensitieve en toch speelse
Titel
Plooi
Auteur
Babeth Fonchie Fotchind 1993-
Taal
Nederlands
Uitgever
Amsterdam: De Geus, © 2022
85 p.
ISBN
9789044545388 (paperback)

Besprekingen

Vrouw, zwart, lesbisch

Plooi, het debuut van Babeth Fonchie Fotchind, legt de diepmenselijke worstelingen van een jonge vrouw bloot, op een wijze die zowel kritisch als invoelbaar is.

Ze zijn zeldzaam: dichters die publiceren in eerbiedwaardige literaire tijdschriften als DW B, maar evengoed in lifestylemagazines als Elle. Babeth Fonchie Fotchind is zo'n dichter wier poëzie in die beide circuits moeiteloos standhoudt. Een opvallend debuut kon dan ook niet uitblijven - en dat is haar eersteling Plooi zeker.

In het gedicht 'Kantelpunt' leren we Fonchies lyrisch ik kennen als iemand die niet geholpen is bij therapie en mindfulness. De poëzie blijkt een heilzamere weg om haar demonen ter discussie te stellen. Een 'meisje dat het patroon moet herhalen': dat is hoe haar omgeving deze jonge vrouw het liefste ziet, maar haar homoseksualiteit maakt het waarmaken van die verwachting onmogelijk. De dichter focust met name op de moeder-dochterrelatie in haar reflecties op deze nijpende thematiek. Vaak levert dat sterke gedichten op, zoals het beklijvende 'zelfs de pleister weigert':

ze zegt: kap je haren af voordat we

teruggaan naar waar het s…Lees verder

‘Plooi’ is de dichtbundel waarmee juriste Babeth Fonchie Fotchind, geboren in 1993 in Yaoundé, Kameroen, debuteert. De bundel bestaat uit vier afdelingen: ‘verzamelde goedbedoelde adviezen no 1, 2, 3 en 4’. In het eerste gedicht merken we al dat de schrijfster middenin het moderne leven staat: ‘als een van mijn vrienden me nog één keer zegt / dat ik aan mindfulness moet doen, dan word ik lijp’. Homoseksualiteit is een thema: ‘deze groep van gedragssymptomen leidt tot de diagnose: / homoseksueel’ (uit: ‘dossier’); ‘we spelen roulette met zaad uit een vooraanstaand / deens lab. // De ene maand probeert mijn vrouw het, de andere / ben ik aan de beurt’ (uit: ‘vind ons hier’, waarmee de bundel eindigt). Een ander thema is het verleden: ‘we zullen elkaar nooit meer zien, mijn ouders / mij niet meer / ik mijn ouders niet meer’. Karakteristieken van deze poëzie: eigentijds, toegankelijk, humorvol, ontroerend.